Login / Reg                    Nieuwsbrief  |   Agenda   |   Vacatures   |   Forum   |   Advies   |   Adverteer   |   Zoek
Basisschool De Vijfster
Bron: Procesverbeteren.nl
Lean: Slanke organisatie
Basisschool De VijfsterBasisschool De Vijfster combineert Dalton & Lean
Door Dr Ir Jaap van Ede, hoofdredacteur procesverbeteren.nl, 15-04-2025


Dalton-onderwijs is van nature al behoorlijk Lean: vráág gestuurd, want kinderen bepalen grotendeels zelf wat en in welk tempo ze leren. Dit zou je zelfs just-in-time kennisoverdracht kunnen noemen! Andere Lean kenmerken: eigenaarschap, samenwerking en reflectie. 

Wat echter niet in de Dalton-benadering zit, zijn de strategische aspecten van Lean: wát willen we verbeteren en waarop focussen we ons.

Hiertoe voegde basisschool De Vijfster een Lean jaarplanning toe. En dagstarts op alle niveaus, van het klaslokaal (dagelijks) tot aan de directie (wekelijks). In leerling arena’s wordt kinderen gevraagd, om het onderwijs te helpen verbeteren.

Het Dalton-onderwijs ontstond 120 jaar geleden. De op dat moment onervaren lerares Helen Parkhurst runde destijds in haar eentje een school op het platteland. Ze loste die uitdaging op door de leerlingen zélf hun werk te laten plannen en hen te laten samenwerken. En door ze elkaar te laten helpen, en ze hun eigen werktempo te laten bepalen, in eigen verantwoordelijkheid.

Die aanpak bleek zó succesvol, dat Parkhurst dit later ontwikkelde tot een onderwijsbenadering voor een middelbare school in het Amerikaanse dorp Dalton.

Het gelijknamige onderwijstype is vandaag de dag vooral in Nederland populair. Hier bestaat het Dalton-onderwijs in 2025 precies honderd jaar, en zijn er ongeveer 400 Dalton scholen. Je bent pas erkend als je een accreditatie hebt van de Nederlandse Dalton vereniging, die elke vijf jaar langskomt om de kwaliteit te controleren.

In het beeldmerk van basisschool De Vijfster staan de kernwaarden van Dalton-onderwijsIn het beeldmerk van basisschool De Vijfster staan de kernwaarden van Dalton-onderwijs: zelfstandigheid, effectiviteit, reflectie, vrijheid, verantwoordelijkheid en samenwerken


De Vijfster

Eén van de Nederlandse Daltonscholen is de katholieke basisschool ‘De Vijfster’ in Capelle aan de IJssel. ‘Onze school ligt in de wijk Fascinatio, vernoemd naar het boek van Tom Manders jr, waarin de zon en de maan centraal staan. Wij zien onze leerlingen als de sterren van onze school. Wij zien dat beeld als een aanvulling op het boek. De naam van onze school verwijst ook naar de vijf dagen van de schoolweek’, verklaart Ellen Aarts – De Graaf, directeur van basisschool De Vijfster.

Kenmerkend voor het Dalton-onderwijs is het werken met taakkaarten. Dit ter bevordering van de zelfstandigheid van - en het leren plannen door - de leerlingen. Zij kunnen middels een dagkleur aangeven op welke dag zij taken plannen.

Bijzonder aan De Vijfster is dat zij deze Dalton-aanpak versterken door de toepassing van Lean, een bekende procesverbetermethode uit het bedrijfsleven.

Kenmerkend voor Lean is streven naar zo veel mogelijk waardecreatie en zo min mogelijk verspilling, door cyclisch te verbeteren en daarop te reflecteren.

Ellen Aarts-De Graaf, directeur van basisschool De VijfsterEllen Aarts – De Graaf, directeur van basisschool De Vijfster.


Lean

In zekere zin is elke Daltonschool eigenlijk vanzelf al behoorlijk Lean. Ten eerste is de ‘productie’ – vertaald naar een school is dit het opdoen van kennis en het aanleren van vaardigheden – er vraag gestuurd. Er wordt precies aangereikt wat nodig is voor een bepaalde leerling, just-in-time, met de leerling waar mogelijk zelf aan het roer. Dus zonder ‘overproductie’ c.q. ‘verspilling’. Een leerling volgt bijvoorbeeld zo min mogelijk lessen die hij/zij al beheerst.

Ook is er een hoge graad van ‘eigenaarschap’ en zelfstandigheid. Leerlingen worden aangemoedigd en aangesproken om zelf de regie te nemen over hun leerproces en de planning daarvan. Tenslotte zijn er reflectie-momenten, die je ook hebt binnen Lean. Bijvoorbeeld door toetsen controleren leerlingen zélf of ze een deel van de stof – een taak in jargon - beheersen.

Het Dalton-onderwijs is van zichzelf al behoorlijk Lean, maar mist de strategische aspecten ervan
Het Dalton-onderwijs is van zichzelf al behoorlijk Lean, maar mist de strategische aspecten ervan: cyclisch en gericht verbeteren op basis van jaarplannen, gecascadeerde doelen, en dagstarts. Die zaken voegde De Vijfster toe.


Sociale vaardigheden

Op een basisschool leren kinderen natuurlijk veel meer dan de basisvakken. Ze doen er met name ook sociale vaardigheden op. Ook daar draagt het Dalton-onderwijs aan bij, door de kinderen samen te laten werken, en zelfs door ze elkaar te laten onderwijzen.

Vanwege het sociale aspect is een basisschool geen leerfabriek: er moet ook veel ruimte zijn voor bijvoorbeeld sport, spel en het vieren van feestdagen.

Ontvang samenvattingen van nieuwe praktijkverhalen!
De vijf voordelen van gratis registratie:
  1. Elke twee maanden samenvattingen van onze nieuwe artikelen
  2. Geen andere e-mail (!)
  3. Artikelen altijd volledig kunnen lezen
  4. Toegang tot 450+ praktijkcases procesverbetering
  5. Berichten kunnen plaatsen en opmerkingen toevoegen

Flow
Als je het heel abstract vertaald naar Lean, dan draagt de Dalton-methode onmiskenbaar bij aan flow: een zo min mogelijk verstoorde en vloeiende stroom van kennis en sociale vaardigheden naar – en passend bij - elk kind. 

‘Het klopt dat er veel overlap is tussen Lean en de Dalton-methode’, beaamt Ellen Aarts – De Graaf. ‘Een Daltonschool zijn we al vanaf onze start in 2002. Lean passen we nu tien jaar toe.’

Een docententeam van De Vijfster houdt een Lean dagstartEen docententeam van De Vijfster houdt een Lean dagstart
(ze noemen dit zelf een bordsessie)


Push

Op universiteiten en hogescholen zie ik (de auteur van dit artikel) momenteel een beweging die haaks staat op de Dalton-gedachte: studenten worden bijvoorbeeld steeds meer verplicht om colleges te volgen. Push dus in plaats van pull. Dat lijkt me ongewenst, want zo leren studenten niet om zélf passende vaardigheden op te doen. En dat wordt steeds belangrijker, nu de wereld en dus ook de inhoud van werk, sneller verandert dan ooit.

‘Daar ben ik het mee eens’, reageert Ellen Aarts – De Graaf. ’Op onze school willen we de kinderen voorbereiden op een wereld waarvan je niet precies weet hoe die er straks uitziet. Om daar op in te spelen moet een kind goed de eigen sterke en zwakke punten en het kennisniveau kunnen inschatten. Wij proberen ze dat bij te brengen. Dan kunnen ze dan later ook gebruiken om te bepalen naar welke aanvullingen ze in een bepaalde situatie op zoek moeten gaan. Op terugkomdagen horen we van middelbare schoolleerlingen dat zij het, dankzij het Dalton-onderwijs, makkelijker vinden om hun huiswerk te plannen.’

Toch roept het Dalton-onderwijs ook veel vragen op. Zijn kinderen op de basisschoolleeftijd bijvoorbeeld wel zelfstandig genoeg om hun eigen werk te plannen? Zullen ze vervelende vakken bijvoorbeeld niet links laten liggen? En is maatwerk onderwijs niet erg belastend en chaotisch voor de leerkrachten?  

Met een taakkaart bepaalt een kind op maandagmorgen de lessen en leerdoelen
Met een taakkaart bepaalt een kind op maandagmorgen de lessen en leerdoelen. Vanzelfsprekend houden de docenten een oogje in het zeil. In de laagste klassen zijn de taakkaarten een stuk eenvoudiger, zodat een kind er geleidelijk aan went.


Plannen

‘Om te beginnen leren we kinderen het plannen op basis van taakkaarten en leerdoelen heel geleidelijk aan’, reageert Ellen Aarts – De Graaf op deze vragen.

’In groep 1 en 2, de oude kleuterschool, kiezen de kinderen slechts één of twee onderwerpen per week, bijvoorbeeld een puzzel oplossen. In de hogere klassen wordt het steeds gedetailleerder, tot een planning per kwartier aan toe. Dat plan maken de kinderen op maandagmorgen met behulp van een taakkaart. De instructiemomenten en taken staan op de kaart, en er wordt gepland met kleuren. Elke dag heeft een vaste kleur. In principe kiest een kind zelf welke lessen hij/zij verwerkt en welke doelen het meest relevant zijn voor zijn/haar ontwikkeling. Zo volg je als leerling de lessen op het moment dat bij jou past.’

Just-in-time, zo zou je dat inderdaad in Lean-jargon kunnen zeggen. Natuurlijk worden de kinderen ook gecoacht bij het maken van hun planning. De leerkrachten weten precies wat een bepaald kind al goed kent en kan, en wat nog niet. Past een planning daar niet bij, dan wordt dat met het kind besproken. Zo wordt het steeds zelfstandiger.’

Hoe stichting LeerKRACHT onderwijs helpt verbeteren

Stichting leerKRACHT hielp Lean introduceren op basischool De Vijfster. Jacqueline van Zuijlen, expertcoach en bestuurder bij deze stichting, legt uit hoe ze dat doen!

Van Zuijlen: ‘Onze aanpak is geïnspireerd op de Lean-filosofie. Ze is gericht op continu verbeteren, en het creëren van waarde voor leerlingen. Het gaat erom dat je focust op wat écht belangrijk is. Leraren krijgen zo meer grip op hun onderwijs en ervaren meer werkplezier. Dit alles met als adagium: Elke dag sámen een beetje beter’.

‘Door leerKRACHT hebben we als team echt geleerd om samen te werken aan beter onderwijs – Dit horen we van schoolleiders, die met onze aanpak werken. We kijken niet alleen naar wat beter kan, maar doen dat gestructureerd en met oog voor de leerlingen’.

‘Stichting leerKRACHT heeft de status van ANBI, een algemeen nut beogende instelling. Wij helpen scholen om een verbetercultuur te ontwikkelen. Leraren en schoolleiders werken in kleine teams aan onderwijskwaliteit, gebaseerd op een methode die evidence-informed en praktisch toepasbaar is. Het doel daarbij: Leerlingen betere kansen bieden door het onderwijs stap voor stap te versterken. Onderzoek van de Universiteit Utrecht bevestigt dat scholen die met leerKRACHT werken, binnen een jaar een lerende cultuur ontwikkelen. Resultaten zijn beter onderwijs, professionele groei doordat leraren leren van en met elkaar, betrokken leerlingen die actief meedenken over hun onderwijs, en slimmer werken met minder verspilling en meer focus’.

> Meer informatie over stichting LeerKRACHT


Rust

‘Worden de lessen in afgescheiden lokalen gehouden, zodat leerlingen die er niet aan deelnemen voor zichzelf kunnen werken?’, vraag ik.

‘Nee, iedereen zit gewoon bij elkaar in de klas; bijvoorbeeld alle kinderen van groep vier of vijf bij elkaar. Lesgeven gebeurt dan rondom de instructietafel, of in een gedeelte van het lokaal.’ 

‘Best chaotisch, lijkt me, zo verstoor je elkaars werk?’

‘Het tegendeel is waar, bij ons is er juist veel rust. Vermoedelijk komt dat doordat alle leerlingen geconcentreerd met hun taken op hun eigen niveau bezig zijn. De regels, afspraken en structuren zijn bovendien duidelijk. Dat is de ruimte waarbinnen de kinderen zich kunnen bewegen. Kinderen die niet meedoen met een bepaalde instructie, kunnen als zij dat willen kunnen ook werkplekken op de gang benutten’.

Taakgericht
De invulling van de Dalton-benadering is in iedere school anders. De kernwaarden – vrijheid, verantwoordelijkheid, samenwerken, effectiviteit, zelfstandigheid en reflectie – zijn echter altijd hetzelfde.

‘Een randvoorwaarde is dat je een vak kunt opsplitsen in toetsbare taken, die je je achter elkaar eigen kunt maken, en die dus goed op elkaar moeten aansluiten. Bij vakken zoals geschiedenis, gymnastiek en godsdienst past dat minder goed, die geven wij dus gewoon klassikaal. Taakgericht en incrementeel leren is wel heel goed mogelijk bij de basisvakken: rekenen, spellen, begrijpend en technisch lezen.’

Een deel van een dagstartbord dat kinderen in de klas gebruikenEen deel van een dagstartbord dat de kinderen in de klas gebruiken


Reflectie

Intrigerend: in de bovenbouw beoordelen de leerlingen zelfs ten dele hun eigen voortgang, aan de hand van vergelijking met gewenste antwoorden. Bij weinig fouten doen ze daarbij de afgelegde toets, die beoordeelt in hoeverre ze een taak beheersen, in het bakje ‘afgerond’. En bij een minder resultaat in het bakje ‘extra instructie nodig’, of zelfs in het bakje ‘niet begrepen’.

Deze vorm van reflectie gebruiken de kinderen bij het maken van hun weekplanning. Als het goed is, zullen ze ervoor kiezen om extra onderwijs te volgen in taken die ze nog niet goed beheersen. ‘Vanzelfsprekend houden de leerkrachten een oogje in het zeil bij het zelf beoordelen en plannen.’

Wij danken onze partners/adverteerders, door hen kunnen wij onafhankelijke artikelen maken!
Ontdek bijvoorbeeld hoe onderstaande partij Lean in de praktijk helpt brengen!

AzumutaAzumuta

Azumuta is het toonaangevende no-code platform om werkvloer activiteiten en documenten te digitaliseren. Zo kunt u makkelijk al uw bestanden op dezelfde plaats creeren en beheren. Vergeet onhandig bewerken van Word en Excel documenten of het gebruik van Sharepoint!

Met Azumuta bent u in staat om gegevens in real-time te verzamelen en bij te werken. Zo hebben uw medewerkers toegang tot de meest recente gegevens, en voorkomt u fouten. Ook hebt u altijd, overal en vanaf elk apparaat toegang. U kunt handige dashboards maken met gecombineerde gegevensbronnen, en krijgt zicht op de productieactiviteiten. Azumuta combineert de vruchten van de papierloze fabriek, gegevens en analyses, en Internet of Things

> Naar website


Dagstarts
De Dalton-benadering heeft, zoals eerder al aangestipt, al veel dingen gemeen met Lean.

Aarts – De Graaf: ‘Die twee versterken elkaar. Daarom passen wij hier ook Lean toe, volgens de vertaling daarvan naar het onderwijs van de stichting leerKRACHT.’

‘We doen dat al sinds 2015. Toen ik hier in 2022 directeur werd, vonden we dat de aandacht voor Lean kon worden versterkt. Sindsdien zijn we daar erg actief mee, met als interne coach binnen onze scholengemeenschap Evelyn Derks.’

Dagstartbord van het docententeamDagstartbord van het docententeam


Kortcyclische afstemming

Op alle niveaus in de school is er sprake van kortcyclische afstemming. In de klassen gaat het om dagstarts, op team- en directieniveau zijn er weekstarts. De Vijfster spreekt intern overigens over bordsessies in plaats van dag- of weekstarts.  

‘In een klas ligt het accent bij een bordsessie op het functioneren van een klas als geheel, en de doelen daarvan. Het niveau van zo’n bordsessie groeit weer, net zoals bij de taakplanning, mee met het niveau van de kinderen. Bij groep één gaat het bijvoorbeeld enkel nog om smileys, waarmee ze aangeven hoe ze zich die dag voelen. Later kunnen er ook links zijn met strategische doelen, die wij als onderwijsteam formuleren. Bijvoorbeeld het verbeteren van het rekenonderwijs.’

Go to Gemba
Bij een strategisch doel wordt ook het Lean-principe van Go to Gemba (ga naar de werkplek) toegepast: inventariseer in de klas welke problemen er spelen, en welke verbetersuggesties er zijn.

‘We vragen de kinderen dan hoe ze bepaald onderwijs erváren.Dat doen we in een leerling arena. Onlangs kregen we weer de maximale verlenging van vijf jaar, om ons een Dalton school te noemen. De visitatiecommisie gaf ons toen speciaal een compliment voor onze leerling arena.’

Ellen Aarts-De Graaf: Vergaderingen gingen bij ons vroeger over van alles en nog wat. Sinds we een Lean planningscyclus hebben, is er veel meer focus
Ellen Aarts – De Graaf: ‘Vergaderingen gingen bij ons over van alles en nog wat. Sinds we een Lean planningscyclus hebben, is er veel meer focus’


Focus

Wat Lean verder nog heeft toegevoegd aan de Dalton-benadering, is focus bij het verbeteren van het onderwijs, en de manier waarop dat wordt gegeven. Waar de Dalton-benadering zich vooral richt op de uitvoering van het onderwijs, voegt Lean een bredere strategische aanpak toe om processen te verbeteren.

‘Vergaderingen gingen bij ons over van alles en nog wat. Sinds we een Lean planningscyclus hebben, is er veel meer focus. We hebben nu een vierjarenplan voor onderwijsontwikkeling, en daarvan wordt dan een jaarplan afgeleid. In het schooljaar kiezen we vervolgens elke acht weken een thema dat bijdraagt aan het jaarplan, plus interventies die we gaan doen.’

‘Een voorbeeld is het al eerder genoemde voorbeeld van het rekenonderwijs. Toen we daar gericht en systematisch mee aan de slag gingen, ontdekten we dat de aansluiting van de lesstof tussen schooljaren beter kon. Daar iets aan doen is ook Lean: betere afstemming, meer flow, en dus minder verspilling. Het heeft concreet resultaat opgeleverd: de Cito-scores voor rekenen zijn nu duidelijk hoger.’

Bureaucratie
Tot slot nog een kritische kanttekening van mij als auteur van dit artikel, die niet specifiek De Vijfster betreft, maar het onderwijs als geheel. Hoewel klassen steeds kleiner worden en het onderwijs steeds meer maatwerk, hoor je steeds dat kinderen nu slechter lezen, schrijven en rekenen dan vroeger. Toen waren er ook meer ‘handen in de klas’, en gaf zelfs een schooldirecteur nog gewoon les. Denk ook aan Helen Parkhorst, de grondlegger van de Dalton-filosofie. Zij runde in haar eentje een hele school. Is er nu niet veel te veel bureaucratie, en daardoor een overmaat aan management?

‘Er is nu vooral een enorm lerarentekort’, reageert Aarts – De Graaf: ‘Dat vraagt organisatorisch veel. Deze tijd kent ook andere en complexere uitdagingen, denk ook aan regelgeving. Door de toepassing van de principes van Dalton en Lean, kunnen we in elk geval alles waar we zélf de hand in hebben, zo rustig en effectief mogelijk maken. Er is nu ook veel meer zicht op de groei en ontwikkeling van de kinderen. Metingen zoals Cito focussen vooral op kwalificatie. Ik zie graag een betere balans zien tussen kwalificatie, socialisatie en subjectificatie, zodat elk kind optimaal tot zijn recht kan komen en zijn unieke talenten kan ontwikkelen binnen het schoolsysteem.’


Met dank aan Vera Otten-Binnerts en Rene Berends, onderzoekers binnen het lectoraat Vernieuwend Onderwijs van Saxion, voor hun kritische kanttekeningen bij de beschrijving van de Dalton benadering

> Zie ook: Hogeschool Windesheim doceert én praktiseert Lean
> Zie ook: Een Lean hogeschool of universiteit, kán dat?
> Zie ook: Een Lean basisschool, kan dat?


Hulp nodig bij de implementatie van Lean?

Verwijzen naar dit artikel op internet?
Gebruik als link: https://www.procesverbeteren.nl/LEAN/DeVijfster_School_Dalton_Lean.php

Blom ConsultancyErgo DesignAgiliTec